Belgisch koningshuis moet pak geld inleveren: “Deze leden zijn het grootste slachtoffers"

door: PMN
Afbeelding bron: Photonews

Het Belgisch koningshuis moet heel wat geld inleveren. Dat staat vandaag te lezen in de krant ‘Het Laatste Nieuws’.

Voor het eerst in vier jaar is de kostprijs van het koningshuis in ons land gedaald. De begroting 2021 voorziet 36.908.000 euro voor de koninklijke familie, 342.000 euro minder dan dit jaar. Dat komt vooral doordat er minder geld wordt voorzien voor beveiliging.

En ook de dotaties voor de leden van de koninklijke familie stijgen amper. “Koning Albert II, prins Laurent en prinses Astrid zijn hier het grootste slachtoffer van”, legt professor Herman Matthijs uit.

"De dotaties worden - net zoals de lonen van de gewone Belgen - geïndexeerd. Maar omdat de inflatie nu zo laag is, is er amper indexering van de lonen. Misschien gaan we er volgend jaar zelfs geen krijgen.” 

“In 2018 bedroeg de inflatie nog 2%, waardoor de lonen harder stegen. Albert, Laurent en Astrid moeten zich net zoals de gewone Belgen met spaargeld en een loon schikken naar de lage inflatie."

"Laurent, Astrid en Albert zijn het grootste slachtoffer"

Laurent en Astrid krijgen zo’n 94.000 euro per jaar. Hun vader koning Albert krijgt het dubbele. In ruil daarvoor moeten ze een activiteitenverslag neerleggen bij de voorzitter van het Rekenhof.

Koning Filip heeft een civiele lijst. Daarop staan al zijn werkingsmiddelen. Daar komt een halve procent bij. 

De overige kosten, dat zijn de diensten die worden geleverd door federale overheidsdiensten, dalen zelfs volgend jaar, van 23.147.000 naar 22.735.000 euro.